Er was eens een lief meisje dat Assepoester heette. Ze woonde bij haar stiefmoeder en twee stiefzussen. Zij waren niet aardig tegen haar. Assepoester probeerde altijd te lachen en te helpen in huis.
De stiefmoeder liet Assepoester alles schoonmaken. Terwijl haar zussen in mooie kamers sliepen, sliep zij bij de haard tussen de warme as. Daarom noemden ze haar Assepoester.
Op een dag kwam er een uitnodiging van het kasteel: er zou een groot feest zijn. De zussen waren heel blij en praatten over mooie jurken. Assepoester help hen lief, ook al mocht zij niet mee.
Toen de zussen naar het feest gingen, huilde Assepoester van verdriet. Toen verscheen haar Goede Fee, die glom als een zacht lichtje. Ze zei dat ze haar kon helpen om haar wens te vervullen.
De Fee veranderde een pompoen in een mooie koets en muisjes in paardjes. Ook veranderde ze een grote muis in een koetsier en zes hagedisjes in vrolijke helpers van de koets.
Toen raakte ze Assepoester aan met haar toverstaf en haar oude kleren werden een glimmende jurk. Haar schoenen waren van glas en glommen als sterretjes. De Fee zei dat ze voor middernacht terug moest zijn.
Op het feest werd iedereen stil toen ze binnenkwam. De prins gaf haar zijn hand en ze dansten vrolijk. Assepoester voelde zich licht als een veertje en lachte maar door.
Toen de klok bijna middernacht sloeg, rende Assepoester uit het kasteel. De prins volgde haar, maar kon alleen een van haar glazen schoentjes oppakken die op de trap bleef liggen.
De volgende dag zocht de prins in het hele koninkrijk naar de eigenaar van het schoentje. Veel meisjes probeerden het, maar het paste niet. Assepoester's zussen probeerden het ook, maar het paste niet.
Assepoester vroeg of zij het mocht proberen en iedereen was verbaasd. Het schoentje ging er gemakkelijk in, zacht en perfect. Ze haalde het andere schoentje uit haar zak en het glom net zo als op het feest.
Op dat moment verscheen haar jurk weer, stralend als eerder. De zussen schaamden zich, maar Assepoester knuffelde hen lief en vergaf hen.
De prins nam Assepoester mee naar het kasteel en ze trouwden gelukkig. Ze leefden met vreugde en liefde, en het koninkrijk vierde feest. En ze leefden nog lang en gelukkig.








